'Noordwest China'
Intro:
Vorige week zondagnamiddag zijn we samen met Sven (Leuven) en Dasha (Rusland) vertrokken richting Lanzhou. De andere Sven en de tweede Russische hebben in laatste instantie afgezegd. Omdat we vergeten informeren waren naar hardsleepers, zaten we gedurende 24 uur nogal dicht opeen. Afwisselend probeerden we wat te slapen zodat de bagage niet onbewaakt achter zou blijven. Overdag speelden we wat woordspelletjes.
H1: De stad met twee gezichten (Lanzhou)
Maandagnamiddag kwamen we aan in Lanzhou. Op het eerste zicht een niet zo inspirerende grijze stad. Nadat we onze bagage in een mooi hotel achterlieten en een kamer boekten voor amper 4 euro per nacht, reden we met een taxi naar een park met pagode niet zo ver van het centrum. Eens op de heuvel met de toren, moest ik mijn mening al snel herzien. Het uitzicht was echt mooi. Lanzhou ligt in een dal met heuvels errond. De stad wordt in twee gedeeld door de Huanghe (Gele rivier), na de Yangzi de belangrijkste rivier van China. Toen de zon begon te zakken, kleurde alles oranjerood. Ons avondmaal nuttigden we in een restaurant dat pas de deuren had geopend. Klaas bestelde dalongxia (kreeft). Men kwam ons het spartelende beestje tonen voor het in de pot ging. Klein detail was dat men hem de prijs was vergeten te vertellen. Het beestje is dus nogal prijzig uitgevallen.
Op onze tweede dag in Lanzhou hebben Klaas en ik onze weddenschap met Dasha voltooid (zie foto's) en in de namiddag zijn we nog een tempeltje gaan bezoeken op een berg aan de andere kant van de stad. 's Avonds vervolgden we onze reis met de trein naar Jiayuguan in de hoop daar eindelijk Pieter (medestudent van Gent) en zijn twee ge(a)zellen (een Belgische die samen met de Svennen in Leuven studeert en een Italiaanse) in te halen. De hardsleepers waren heel comfortabele bedden, maar er was niet zo heel veel plaats omdat we bovenaan sliepen.




H2: The Fellowship of the Wall (Jiayuguan)
Vrij vroeg kwamen we aan in Jiayuguan, de stad die bekend staat om het fort dat het einde van de Chinese Muur weergeeft (ook wel eens de staart (wei) van de Muur genoemd). Pieter was intussen alweer doorgereisd naar Dunhuang, maar van hem hoorden we dat ze een fiets hadden gehuurd om de stad te verkennen en dus gingen wij met z'n vieren op zoek naar plaatsen waar ze die tweewielers verhuurden. Makkelijker gezegd dan gedaan, want overal waar we ernaar vroegen, vertelden ze ons doodleuk dat dit niet bestond in de stad terwijl wij wisten dat het mogelijk was! Ten einde raad sprongen we na een dik half uur een taxi in die ons enkele bezienswaardigheden zou laten zien omdat we onze dag toch goed wilden spenderen. We zaten er nog maar net in toen we een plaats voorbij reden waar allemaal fietsjes mooi stonden uitgestald en met de smoes dat Dasha plots onwel was, sprongen we redelijk impulsief uit de taxi. Fietsen huren was inderdaad mogelijk voor 3 euro per dag, maar wij mannen zaten nog met een klein probleempje: Dasha die niet kan fietsen. Ze was echter zo gemotiveerd dat we ze elk om beurt op sleeptouw namen en aanspoorden om toch maar niet te sturen met haar kont, maar met het stuur. Na een tijdje was ze er toch goed mee weg en konden we behoorlijk 'vlot' naar het fort. We schrokken nogal van de prijs (10 euro, 5 met studentenkaart, maar die hebben we nog steeds niet in ons bezit) en dus besloten we een andere baan te zoeken die ons tot in de buurt van het bouwwerk zou brengen. Gelukkig dat we niet zijn binnengegaan, want iets verderop lieten we onze fietsen achter, klommen we over enkele heuvels en hadden we een schitterend zicht op het fort en de besneeuwde bergen daarachter. We picknickten op die mooie plaats en nadien fietsten we verder tot we langs een oud stuk Chinese Muur reden waar geen enkele andere levende ziel te zien was. Wat verderop was er een hersteld stuk muur dat we nog even hebben bezocht. Tegen zonsondergang reden we terug naar het fort, maar van de zon hebben we helaas niet zoveel meer gezien omdat er vanover de bergen wolken kwamen opzetten. Klaas heeft er nog een vlucht gemaakt met een deltavliegtuigje. Terug in het stadscentrum boekten we 1 kamer in een hotel vlakbij het station, want onze trein naar Dunhuang vertrok om 3.30 's nachts.






.JPG)
H3: To the top (Dunhuang)
Vroeg uit de veren, maar 't kan ons niet deren, want we reizen om te leren... Dunhuang, bekend om zijn boeddhistische grotten en een stad op de alom gekende zijderoute, was in mijn ogen een eerder kleine stad, maar best gezellig. 'Slechts' vijf uur rijden van Jiayuguan. Toen we in het centrum op zoek waren naar een hotel, belde Pieter om te zeggen dat ze even buiten de stad logeerden in een gezellig hostel aan de rand van de duinen en dus zetten we meteen koers daarheen. Een heel mooie plek. We konden er overnachten in een soort houten 'tuinhuisjes' die je kan delen met 4 personen (slechts 12 euro). Eindelijk ontmoetten we Pieter, Eva (de Belgische) en Michi (de Italiaanse). Toffe mensen. Samen beklommen wilden we 1 van de enorme duinen beklimmen. Geen sinecure, want de duinen zijn een toeristische bezienswaardigheid en je komt er niet zomaar in door een hek dat rondomrond indringers buitenhoudt. Wie zouden wij zijn mochten we niet proberen erover te klimmen. Zo gezegd, zo gedaan. De weg naar de top was niet simpel. In het zachte zand gingen we telkens twee stappen vooruit en eentje terug naar beneden. Toen we bijna boven waren hoorden we ineens iemand roepen. Het bleek 1 van de wachters te zijn. Even een dilemma: de duin aan de andere kant afrennen, blijven zitten, naar de man toelopen en ons van de domme houden? Uiteindelijk kozen we voor het laatste, maar we lieten de man eerst een eindje hoger klimmen (stout:p) Michi stapte op hem af en begon heel onschuldig in het Engels (we hadden even ervoor beslist dat niemand van ons Chinees kent): 'we wilden gewoon wat wandelen, wij zijn geen slechte mensen. Waarom kan het niet?' Eva en ik konden onze lach ver niet inhouden. Die man was totaal pompaf, maar leek wel begrip te hebben en dus daalden we af en klommen we weer over het hek, vastbesloten om het wat verder opnieuw te proberen. we vonden een andere duin zonder hek en dus gingen we naar boven, maar we stonden algauw weer beneden omdat het te hard waaide en we door het opstuivend zand bijna niets meer konden zien. De volgende dag beklommen we opnieuw de duin en brachten we uren op de top door tot zonsondergang: springfoto's maken en acrobatische toeren uithalen...
's Avonds, na wat drankspelletjes beslisten we (iedereen behalve Sven die wat vroeger was gaan slapen) om opnieuw de duin op te gaan om te genieten van de sterrenhemel. We haalden allemaal de top en daar bleven we even liggen op het koude zand. Nog nooit heb ik zoveel (ook vallende) sterren gezien. De dag erop moesten we afscheid nemen van Pieter, Eva en Michi die terug naar Wuhan gingen. Klaas, Sven, Dasha en ik gingen met de nachttrein naar Lanzhou vanwaar Klaas en ik de trein namen naar Xining, provinciehoofdstad van Qinghai-provincie. Sven en Dasha beslisten al terug te keren naar Chongqing.
.JPG)
.JPG)
H4: Hoog, hoger, hoogst (Xining)
Xining, op slechts een drietal uur van Lanzhou, was echt de naam provinciestad niet waardig naar mijn mening. Behoorlijk klein, veel armtierige gebouwen, maar een tof hotel naast een zijrivier van de Gele Rivier (4 euro). Tof aan de stad waren de vele minderheden die er rondliepen: veel moslims, Tibetanen en boeddistische monniken. Via een Chinees die ons het hotel had aangeraden konden we de volgende dag mee op een trip per bus naar het Qinghaimeer (eerst voor 15 euro, na wat onderhandelen slechts de helft!), een van de bekendste bezienswaardigheden van de provincie Qinghai. Onderweg naar het meer stopten we bij een Tibetaanse tempel, een plaats waar je allerlei plaatselijke producten als yakvlees kon proeven, een soort juwelierszaak en nog enkele Tibetaanse bezienswaardigheden. Het meer zelf, dat trouwens 3000 meter hoog ligt (behoorlijk koud dus!), schijnt even groot te zijn als Zwitserland en lijkt eigenlijk gewoon op een zee. Iets vroeger dan verwacht waren we terug bij het hotel, want het begon te regenen en dus reden we gewoon terug naar Xining. Woensdagmiddag zijn we dan terug vertrokken met de trein naar Chongqing.
.JPG)
Epiloog:
terug in Chongqing, home, sweet home na een dikke 4700 km. Slechts 100 euro hebben we aan de treinbiljetten besteed. Terug naar de lessen. De leraressen waren bijzonder geïnteresseerd in onze avonturen en maakten er totaal geen probleem van dat we bijna een week te laat waren. Tof! Het weer is intussen draaglijker geworden: het is nu zo'n 20 graden en af en toe regent het. Voor de komende dagen geven ze echter opnieuw 25 graden.
Het volgende dat op het programma staat, is een Halloweenfeestje op 31 oktober, een idee van Dasha dat Klaas en ik mee hebben helpen uitwerken.
The End
(nieuwe filmpjes op youtube!)